De stand van zaken rond dit project wordt gevolgd door direct omwonenden. Ger Huisman kon het gelukkig niet laten om dit fraaie plaatje te schieten van ’t Vertouwen in de rode avondzon. U mag ervan meegenieten.


De oude schroefaskoker zat goed in het vet. Met een doek om een stok is dit goedje met vuil eruit geveegd. De emmer voorkomt gemors van klodders.


Het vlak onder het voorschip is weggebrand en geslepen. Stijn legt een van de nieuwe platen klaar die aan bakboord op de kim moet komen.


De klimplaten net achter de kop aan stuurboordzijde, zitten er al weer tegenaan.


Nu gaat de plaat aan bakboordzijde op z’n plek. Met lijmtangen wordt deze op zijn plaats gehouden. Zo heeft Ando zijn handen vrij om hem op de juiste plek met laspunten vast te zetten.



En dan wordt er weer aan de volgende plaat gewerkt. Ando en Stijn checken of deze goed in vorm wordt gedrukt. Als dat het geval is dan kan ook deze huidplaat op zijn definitieve plek worden bevestigd, om hier wellicht nog minstens 100 jaar te blijven zitten.


Ando slijpt wat onregelmatigheden weg zoals de plaatjes waartegen steunen waren geplaatst. Die stutten hielden de plaat in eerste instantie in positie. Als je goed kijkt zijn de mannen in de tussentijd weer verder gevorderd. Het vlak is verder aangeheeld.


Een blik op het onderste deel van het voorschip. De cijfers op de huid geven de plaatdikte aan. De waardes zijn verrassend hoog. Toch moet er nog meer van het oude plaatwerk worden weggehaald.



De oude gelaagde ijzeren huid is namelijk hier en daar fors aan het schilferen.



Dit betekent ook dat de bok waar het voorschip op rust, moet worden verzet.


Stijn vindt even een moment om zijn ankerketting te meten. Dat gaat heel handig door banen van precies een meter te leggen. Zo te zien liggen er al heel wat meters.


En zo kunnen er weer wat happen uit het schip worden genomen. Er steekt een stukje kielbalk uit.


Het uitzicht door het vooronderluik naar beneden ziet er nu wel even anders uit. Links is nog net de onderzijde van de kooi te zien.



Door het gedeeltelijk verwijderen van de huidplaten in het voorschip, dreigt het schip daar uit z’n verband te raken. Dat wordt voorkomen door de binnenkant te stutten. Er is een grote H-balk over het ‘zaadhout’ ofwel de binnenkiel gelegd. Van daar af wordt met een kelderwinde een andere H-balk tegen de onderzijde van de gangboorden gedrukt. Onder het voordek, nog voor het waterdichte schot, is een tweede stut geplaatst. Het stukje buis, rechts van de dommekracht, is een restant van de koker waar vroeger een lenspomp op kon worden aangesloten. Dat was eventueel nodig om water van het vlak weg te pompen.


Nog een laatste blik in het open voorschip. De buitenzijde van de spanten en de randen van de oude huid waar de nieuwe plaat tegenaan komt, zijn schoongeslepen. De nieuwe plaat kan worden geplaatst.



De nieuwe platen zitten er tegenaan. De mannen komen opnieuw oneffenheden tegen waar de bouwer ook mee te kampen had. De plaat past niet zo heel mooi tegen alle spanten. Er zit ruimte tussen En de mannen moeten even puzzelen hoe dat zo komt. En wat blijkt: ook hier lopen niet alle spanten mooi in lijn. Om dit probleem op te lossen werkte de bouwer met vulstukken.


In dat geval zijn er extra stutten nodig om de platen goed vast te kunnen lassen en wat meer met de vorm van het schip te laten meelopen.


Als mederestaurator moet je toch ook ergens je handtekening achterlaten. Dat is gebeurd, op een plekje aan de binnenkant.



Zo stiekempjes is ergens in de tussentijd de schroefas geplaatst. De vetspuit is ook al aangesloten.


Met de aanleg van de motorfundatie is ook al begonnen.



Het voorschip is grotendeels gedicht. Ando last nog wat naden aan de binnenkant. En dan . . . . . is het vakantie! Tijd voor de mannen om eens flink uit te rusten.

BACK