Scheepsinformatie

Scheepstype : Bolschip
Bouwjaar en –werf : 1916, Gebroeders Grol in Veendam
Materiaal : staal, geklonken
Opdrachtgever : Bert Koekoek
Lengte x breedte : 21,5 x 4,35 mtr.
Kruiphoogte : 2,65 mtr.
Diepgang : 0,45 mtr.
Mastlengte : 15,5 mtr
Zeiloppervlak : 100 m2
Zeildoek : katoen, getaand
Tuigage : gaffeltuig
Eigenaren : Heidi Calot en Marco Scholten

De Alida werd gebouwd in 1916 bij de Veendamse scheepswerf Gebroeders Grol, in opdracht van Bert Koekoek. Het schip kostte fl. 2.200,00.

Als bolschip behoort de Alida tot de familie der tjalken. Ze zijn een eenvoudiger, goedkopere variant. Kenmerken van bolschepen zijn onder andere het vrij smalle boeisel, de lage bouw en de geringe zeeg (kromming of holte). Het berghout of de stootrand bestaat vaak uit een eenvoudige strip ijzer en heeft niet de zware brede vorm die bij tjalken juist zo imponeert.

Bolschepen zijn typisch Groningse schepen, gebouwd voor de smalle ondiepe kanalen (wijken) in de veenwinningsgebieden. De diepgang is daarom gering. Om diezelfde reden zijn de kimmen (overgang  tussen scheepswand en bodem van het schip) vrij rond. En dan nog schuurde een met turf geladen schip vaak over de bodem en tegen de oevers.

Vanwege de geringe hoogte in het ruim, is de den (opstaande rand van het laadruim) van de Alida verhoogd met bij de het schip horende planken, ten behoeve van voldoende stahoogte. Deze planken werden vroeger gebruikt bij het vervoer van bijvoorbeeld aardappels of bieten waarbij de lading boven de den uit kon steken.

De roef en het fornuis zijn origineel. De getaande katoenen zeilen (1953), afkomstig van het wedstrijdskûtsje van Eernewoude, zijn in 2005 ambachtelijk gerestaureerd. Op de roef staat een typische rood/witte broekschoorsteen met een halfronde uitsparing waarin de gestreken mast kan worden gelegd.

Het lier op het voordek is alleen ten dienste van het anker en niet om de mast te strijken. Bij zeilschepen met grotere laadvermogens draait de mast geheel bovendeks neer. Kleinere schepen kennen een andere vorm zoals op dit schip: de wegerij. De mast loopt hierbij in de mastkoker door tot de bodem van het schip. Aan de onderzijde is een zwaar contragewicht bevestigd. Het mastdeel bovendeks heeft daardoor bijna hetzelfde gewicht als de twee meter benedendeks. Als een balans kan de mast daardoor gemakkelijk en snel met een touw achterover worden getrokken. Daarvoor moeten wel de twee ijzeren kokerluiken op het voordek worden weggenomen.

Een verborgen schat van de Alida is de oude schildering op de binnenkant van het vooronderluik dat voor de kokerluiken zit. Hierop is nog redelijk goed een afbeelding van het schip zichtbaar. Zulke schilderingen waren vroeger wel gebruikelijk. De Alida voer in haar werkzame leven vaak in het noordoosten van ons land met turf en landbouwproducten (bieten, stro, enz.). Meer over de historie van de Alida is (nog) niet bekend. De eigenaren zijn er wel naar op zoek. Mocht u informatie hebben, schroom dan niet om contact op te nemen hen of met de Museumwerf.

BACK