Met de komst van de immense kraanwagen, de 450-tonner van de firma J. Brouwer en Zn. ’s ochtends om half negen, begon het hijsavontuur op de Museumwerf. De telescooparm kon wel tot tachtig meter hoogte reiken. Voor onze hijsklus was die hoogte niet nodig. Wel extra ballast. Nadat de kraan was geïnstalleerd en voorzien van al het contragewicht, was het zover. Beschenen door een mild zonnetje vloog de Voorwaarts om ca. half elf door de lucht. De kraan tilde de westlander op alsof ze een veertje was. Het toegestroomde publiek genóót ervan. Zeker toen het schip in de lucht  een draai van 180° maakte, horizontaal wel te verstaan. Van onderaf bekeken en de kraan wegdenkend, had het sigaarvormige schip wel iets weg van een zeppelin.

In samenspel tussen kraanmachinist en personeel van de Museumwerf landde de Voorwaarts zo’n 15 meter verderop, zachtjes op haar definitieve plek. In de komende jaren zal worden gewerkt aan de inrichting van het schip als tentoonstellingsruimte.

Vervolgens was het de beurt aan heve-aak Christina. Na een vergeefse poging waarbij de het tot woonboot opgebouwde schip gevaarlijk schuin kwam te hangen, werd ze om even over elven keurig recht uit het water getild. Het loskomen was een gedenkwaardig moment. Na een ruime honderd jaar in haar element te hebben verkeerd, kwam ze definitief op het droge te staan. Daarmee ontstond een rotsvaste verbinding van de Christina met haar oude thuishaven Vreeswijk. Ook de Christina gleed soepel door de lucht waarbij de kraanmachinist haar keurig langs de boom en de vaste kraan leidde.

Een uur later was de Utrechtse praam Simone aan de beurt. Ook het tillen van dit schip was indrukwekkend. Haar nieuwe tijdelijke plek lag een stuk verder weg op het werfterrein. De Simone moest daardoor ver boven de gebouwen uit worden getild.  Natuurlijk kreeg ook dit schip een zachte landing. Ondanks het vertrouwen dat de medewerkers van de Museumwerf hadden in het takelbedrijf, was men opgelucht toen de klus was geklaard. (Leuk om te weten is dat de firma Brouwer nauw verbonden is aan de scheepvaartgeschiedenis in Vreeswijk. Tachtig jaar geleden begon voormalig beurtschipper (veerman) Joseph Brouwer in Vreeswijk zijn bedrijf bij de bouw van de Beatrixsluis. Het hedendaagse bedrijf kan naast hijsklussen ook worden ingezet voor onder andere transport, op- en overslag en distributie.)

Vreeswijks en Utrechts erfgoed

De Museumwerf is blij met de Christina en de Simone die zij geschonken kreeg. De schepen zijn Vreeswijks en Utrechts erfgoed. De Christina was vroeger een oude bekende in Vreeswijk dat tientallen jaren haar thuishaven was. Met Vreeswijkers als eigenaar en deel uitmakend van de oude Vreeswijkse zandwinningsvloot, behoort de aak tot het cultuurhistorisch erfgoed van het oude schippersdorp. Na schenking aan de Museumwerf een paar jaar geleden, keerde de Christina terug naar huis.

De Christina als zandschip van eigenaar Adrianus Pieter van Dijk aan de Prins Hendriklaan begin jaren 50. Aan boord zitten de zonen Adriaan en Piet (rechts). Op de achtergrond ligt de oude werf van de firma Buitenweg. (Foto uit het familliealbum van Van Dijk)
De Christina opgebouwd als woonschip in het hellinggat van de Museumwerf in 2017. In het kader van een kunstproject werd ze tijdelijk voorzien van fleurig schilderwerk.

 

Utrechtse praam

Met de Simone kreeg de Museumwerf opnieuw een bijzonderheid in handen. De Utrechtse praam is belangrijk Utrechts erfgoed. Het scheepje is een zeldzaamheid. Van Utrechtse pramen zijn er geen handvol meer over. Je zag ze vaak op de grachten en singels waar ze werden gebruikt voor transport en werkzaamheden aan deze waterwegen. De Simone is onlangs geschonken door het Nieuwegeinse aannemersbedrijf B. van Hees & Zn. Meer informatie over de beide schepen volgt.

Restauratie

De verplaatsing van de schepen is een eerste stap richting hun behoud. De Museumwerf wil beide schepen restaureren. De plannen zijn in ontwikkeling.

De Utrechtse praam Simone bij de firma B. van Hees en Zn.

Een grote wens van de Museumwerf is om de gerestaureerde Christina in te zetten als vaste exporuimte voor een tentoonstelling over de Vreeswijkse zandwinning. Een andere grote wens is om van de werkzaamheden aan de schepen een leertraject te maken waarin jongeren enthousiast worden gemaakt voor het vak van lasser en ijzerwerker. Vaklieden zijn keihard nodig, nu en in de toekomst om ons varend en drijvend erfgoed te kunnen blijven bewaren. De werkzaamheden aan de schepen zullen een aantal jaren in beslag nemen. Dit interessante proces kan worden gevolgd via de website. Maar beter nog kan dat in het echt, gewoon tijdens een bezoek aan de Museumwerf Vreeswijk!

 

 

 

 

 

 

Meer beelden van het takelspektakel zijn te vinden op:

 

BACK