Gegevens:

Scheepstype :  IJsselaak
Bouwjaar : 1898
Bouwwerf : Duijvendijk in Krimpen a/d IJssel
Lengte x breedte : 19,59 x 4,03 meter
Doorvaarthoogte : ca 3 meter
Motor : Claeys 15 pk eencilinder; maximumsnelheid: 6 tot 8 km/u
Voorsteven Zelden Rust
IJsselaken

IJsselaken behoren tot de familie der aken. Kenmerkend voor aken is onder andere het ontbreken van de voorsteven. Aken hebben in de kop een heveplaat: de bodemplaat die vanaf het vlak voor (en achter) omhoog oploopt. Bij IJsselaken is de heveplaat voorzien van een voorsteven. IJsselaken werden speciaal gebouwd voor de zandwinning. Daarnaast werden ze ook wel ingezet in het zand- en grindtransport over de Hollandse IJssel. De schipper baggerde zelf het zand met een baggerbeugel en later met een knijper. Om te mogen baggeren had de zandschipper een vergunning van Rijkswaterstaat nodig. De schipper leverde rechtstreeks aan zijn afnemers. Het lossen deed hij eveneens zelf, aanvankelijk met de kruiwagen, later met een zelflostuig. Alhoewel de Zelden Rust als IJsselaak bedoeld was voor de zandwinningsindustrie, was zij hierin niet actief.

De geschiedenis van de Zelden Rust

De  Zelden Rust is gebouwd in 1898 bij de scheepswerf Duijvendijk in Krimpen a/d Ijssel in opdracht van de familie Pols. In 1908 kocht de familie Kreuk uit Nieuwerkerk a/d IJssel het zeilschip voor 2.750 gulden. De IJsselaak bleef vervolgens zo’n 100 (!) jaar in de familie. De familie Kreuk vervoerde met het schip vooral brouwgerst voor de Heineken brouwerij maar ook wel eens ijzer of hout. Om hout te mogen vervoeren moest het schip een minimale breedte hebben van vier meter. Door een dikke opzetrand tegen het boord te zetten, haalde de Zelden Rust die maat nèt.

Het schip is voor de oorlog verlengd tot de huidige 19.59 meter waardoor het laadvermogen steeg van ca. 45 naar 58 ton. In de Tweede Wereldoorlog is het schip gevorderd door de Duitsers en heeft waarschijnlijk in Duitsland gevaren. Na de oorlog is het schip gemotoriseerd en maakten mast en giek, zwaarden en tuig plaats voor een kleine stuurhut. Bij de Zelden Rust is de overgang van zeil- naar motorschip nog goed zichtbaar. Ín de stuurhut is de koekoek te zien die, toen het schip nog met zeil getuigd was, bovendeks was. Na toevoeging van de stuurhut werd het bovenlicht ineens een binnen-koekoek…

Foto link: Een koekoek in de stuurhut – Foto rechts: In de bolders zitten gaten die naar verluidt gebruikt werden om er een roeidol in te zetten en het schip met roeiriemen voort te bewegen bij windstil weer
Familie Kreuk

De schipper van de Zelden Rust, Kees Kreuk, was al vroeg weduwnaar en bleef achter met zijn dochter Annigje en zoontjes Klaas en Jan. Toen de jongens ouder werden bleek het steeds moeilijker om voor alle handen werk te vinden op het schip. Jan Kreuk ging bij een andere schipper aan de slag. Kees Kreuk en zijn zoon Klaas gingen naar de beurs om vrachtjes, Annigje zorgde voor de beide mannen. Toch moest Klaas geregeld verdiensten zoeken op de wal omdat er voor de beide mannen niet altijd genoeg werk was.“Op de Zelden Rust was vaak aanloop,” vertellen familieleden. “Er was altijd tijd voor koffie en een praatje.” Kees Kreuk was een sociale man maar ook eigengereid. Hij liet zich niet opjagen. Als de opbrengst hem te laag was, bleef hij ook wel eens een paar maanden stil liggen met het schip, wachtend op de hogere prijzen in de herfst.

Toen Kees Kreuk stierf hielden dochter en zoon het varen voor gezien. Er werd met de Zelden Rust geen vracht meer gevaren. Toch hebben beiden nog lang op het schip gewoond, Klaas tot zijn dood. Annigje Kreuk kwam op hoge leeftijd in het verzorgingstehuis terecht. De huidige eigenares woont op het schip.

Foto’s van de Zelden Rust uit het familie-album. Rechtsboven: Kees Kreuk met zijn dochter Annigje en zoontjes Jan en Klaas aan boord van de Zelden Rust, hier nog zeilend en zonder stuurhut.
Linksonder: De Zelden Rust met een vracht hout.
De Tijd zal ‘t Leren

De hele familie Kreuk zat op het water: een echte schippersfamilie. De vader van Kees Kreuk, Jan Kreuk was de trotse eigenaar van het eerste ijzeren schip in Nederland. Toen de mensen van de plannen om een ijzeren schip te bouwen hoorden, schudden ze ongelovig het hoofd: “Dat zal zinken, zo’n ijzeren schip drijft toch niet.” “De tijd zal ’t leren,” antwoordde Jan Kreuk stellig. En zo is het schip aan haar naam gekomen. Het ijzeren schip ‘De tijd zal ‘t leren’ vaart overigens nog steeds over de Nederlandse wateren.

BACK